Er waren vandaag door de windkracht acht aardig wat Dwergmeeuwtjes de Buitenhaven verzeild geraakt. Ik kon de camera nauwelijks stil houden, maar wist er toch nog wat bewijsplaatjes uit te persen. Kijk maar.

En de Roodkeelduiker? Die zwom op zijn vertrouwde stekkie in de zwaaikom.

Hij durft nog niet zo goed dichterbij te komen, de Roodkeelduiker in de zwaaikom. Maar hij staat er toch al redelijk op, al zeg ik het zelf. En hij heeft daarbij mooi laten zien dat hij wél helemaal onbevlekt is en dat de binnenkanten van zijn vleugels wél prima in orde zijn in tegenstelling tot bij zijn voorganger. De komende dagen ga ik kijken of hij mij wat meer wil gaan vertrouwen, zodat het zin heeft het kanon in stelling te brengen. Dus houd deze site in de peiling, wie weet wat voor moois er binnenkort nog te zien is!

Er is weer een verse Roodkeelduiker tussen de havenhoofden verzeild geraakt. Ook deze oogt niet geheel fris. Hij heeft zijn ogen te veel dicht naar mijn zin. We zullen hem in de gaten houden.

En toen waren het er nog maar achttien. Tenminste als je ervan uit gaat dat er maximaal vierentwintig Huiskraaien in Nederland hebben gezeten. Een snelle rekensom leert dus dat er inmiddels zes minder zijn. Die zijn onlangs weggevangen en hebben een spuitje gekregen.

Dat hoorde ik vanmiddag in Hoek van Holland van Peter die voor de NRC•Next een fotoreportage maakt rond het dossier 'Huiskraai'. Een en ander is trouwens ook te lezen op deze internetbijdrage, dus ik verklap geen geheim.

Ik maakte deze foto's van de overgebleven vogels.

De verwarring was groot daar in de Vockestaert. Zagen wij nou - tussen de Kolganzen - een Kleine Rietgans of een Taigarietgans? Nou volgens mijn foto-analyse - en het inmiddels daarop ontvangen commentaar van de waarnemingbeheerder Robert van der Meer - hadden wij mooi met twee verschillende Toendrarietganzen te maken en dus niet met een Kleine- of een Taigarietgans. Bijkomend voordeel: de Toendrarietgans is een nieuwe soort (257) voor mij, dus daar ben ik blijer mee dan met een eenvoudige Kleine! Een Taiga had trouwens ook gemogen, want ook die heb ik nog niet. 

En de gans waar ik eigenlijk voor kwam zat er ook. De Roodhalsgans. Echter zover weg dat ik er alleen maar bewijsplaatjes van kon maken. Maar omdat ook deze een voor mij nieuwe soort (258) is, mogen ze blijven totdat ik betere foto's heb weten te scoren. 

Al met al een productief dagje uit van de stichting met twee gans nieuwe soorten.

Op 9 november 2013 tipte Wouter mij over een ongezonde Roodkeelduiker. Het bleek een olieslachtoffer te zijn dat zijn vleugels al helemaal kapot had gepoetst.

De weken daarna dook hij regelmatig op in het Verversingskanaal en in een van de binnenhavens. Hij wist zich dus aardig te redden ondanks zijn olieprobleem.

Op 17 en 23 november ondernamen wij, te zamen met de Dierenambulance, een poging hem uit het water te vissen, doch dat lukte van geen kanten. Hij kon duiken als de beste. Zijn vak immers.

Op 1 januari werd hij voor het laatst op waarneming.nl ingevoerd door Sjaak en op 20 januari kreeg ik van Natascha een foto gemaild van een drijvende dode vogel. Zeer waarschijnlijk onze onfortuinlijke oliebol.

Nu er - een week nadien - geen enkele melding meer is binnengekomen, ga ik ervan uit dat hij inderdaad niet meer is. Het zat erin, maar het blijft zonde van zo'n mooi dier.