Hopelijk leeft deze jonge Zilvermeeuw nog lang en gelukkig, maar dat heeft dan niet aan de vanger gelegen. Het zat zo:

Ik zag tussen de blokken op het Noordelijk Havenhoofd een meeuw spartelen. Hij bleek het kunstvisje gepikt te hebben waarmee een jeugdige visser aan het 'werphengelen' was. Het beest raakte geheel verward en de jongeling knipte uiteindelijk de lijn door. Het beest dreef af en kon niets meer. Toen hij teruggedreven was tussen de blokken vroeg ik het vissertje hem ertussenuit te halen, zodat ik hem konden ontwarren. Hij weigerde dat onder het motto: Er gaan duizenden meeuwen dood.

Ik ben daarop wat andere vissers langsgegaan om te kijken of een van hen bereid was naar beneden te klauteren, doch mis evenwel. Een toerist belde daarop op mijn verzoek de Dierenambulance. Zij zouden komen, maar in de tussentijd kwamen er wat verse vissers aanlopen waarvan er een onmiddellijk bereid bleek te helpen. Op zijn slippers huppelde hij de blokken af, greep het beest bij de kladden, kreeg een haal over zijn gezicht, maar wist hem uiteindelijk met zijn nagelknippertje te bevrijden. Zij (de meeuw en zijn redder) leven hopelijk nog lang en gelukkig.

En het loze vissertje? Dat was inmiddels het boze vissertje geworden omdat hij zijn 'plug' (het kunstvisje dus) niet terugkreeg; kan je nagaan, zelf de lijn kappen, niet willen redden en dan nog praatjes hebben ook. Billenkoek moest hij hebben!

Ingrid maakte, naast bovenstaand fotoverslag van de redding, zich boos op het manneke en zijn vriendjes en sprak hen aan. Geen succes. Als 'oud wijf' kon zij inpakken en wegwezen. Waar moet dat heen!

Maar gelukkig zijn er ook nog bloklopende 'helden'. Het zal dus wel loslopen.

Alsof we terug waren bij de Zusterflat aan de Leyweg. Alleen nu met Boomvalken in plaats van Slechtvalken en met een geverfde balkonbuis. Zo zag het plaatje er vanmorgen uit in de buurt van het Boomvalkennest. Hier het vrouwtje op de balkonrand, voldaan na het voeren en hieronder het mannetje - trots na het aanbrengen van de prooi - rustend op het randje van het dak.

Dat beloven nog mooie dagen te worden!

 

De jagende Boomvalk op Lentevreugd kwam vanmiddag helaas niet mooier op de foto dan zondag, dus die staat alleen op waarneming.nl en krijgt hier geen plekje. Volgende keer misschien weer.

Ik hoopte aan het einde van de middag op Lentevreugd een jagende Boomvalk te treffen. En het trof.

Om ongeveer kwart voor vijf verscheen er eentje die alle capriolen uithaalde die denkbaar zijn. Hij was ook zo vriendelijk om af en toe redelijk dichtbij te komen, zodat ik er ook wat bewijskiekjes van kon maken. Vooral het in de lucht verorberen van de vangst - nadat die was ontdaan van de vleugeltjes - was daarbij goed te zien. Een tref dus en ook zeker voor herhaling vatbaar en dan vroeger en mét het kanon.

 

Om met de vervelendste mededeling te beginnen: de stek is geheim! Ik kreeg hem toegespeeld van een bevriend vogelaar, onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat ik hem met niemand zou delen. Nou dan niet dus! Zo ben ik.

De leukste mededeling is dat het voor het eerst in de geschiedenis is dat er drie verschillende valkensoorten succesvol in Den Haag hebben gebroed. Eerst de Torenvalken op het Norfolkterrein, toen de Slechtvalken in Leyenburg en nu deze Boomvalken. Ze hebben zéker twee jongen. We zagen vanmorgen hun witte kopjes boven de nestrand uitkomen. Wat een feest! 

Ik ga zéker nog regelmatig terug naar de locatie, dus houd e.e.a. in de gaten. Dat deed deze volwassen vogel bij ons in ieder geval ook.

Als Zeus de God van de Vogels is, was hij mij beduidend minder goed gezind dan Pluvius (die van de regen). Het begon namelijk pas te regenen toen ik net in de auto stapte, terwijl de vogels van Zeus zich nauwelijks hadden laten kieken. Het lukte mij te nauwer nood om uit mijn hernieuwde tripje naar Vlaardingen drie bewijsplaatjes te persen. Twee van een Wielewaal en een van de Sprinkhaanzanger. Ze zijn net aan bruikbaar voor mijn registraties op waarneming.

Als er ook nog een God was van de grasmaaiers, dan was die vierkant tegen ons (Piet en mij). Toen wij namelijk de Wielewalen hoorden, kwam er een motormaaier het hele gebied bewerken. Hij maaide zelfs niet bestaande paden. Bedankt! Weg Wielewalen, weg wij!

Ik was eigenlijk op zoek naar de Wielewaal daar in het bos in de Broekpolder bij Vlaardingen. Ik hoorde ze wel, maar zag ze - zoals gebruikelijk - helaas niet. Wat ik óók hoorde en gelukkig wél zag was deze Sprinkhaanzanger. Hij zat vlak bij het bosperceeltje waar ik ooit de Wielewaal kiekte. Hij bleef de hele tijd zijn imitatie van de sprinkhaan ten gehore brengen. Kijk maar op dit YouTube-filmpje.

Die locatie daar in Vlaardingen is trouwens echt een aanrader! Wat is het daar (nu) mooi!